3 oktober 2025

Een fluitje van een cent (gepubliceerd op de columnist.net)

Vroeger was vreemdgaan veel gemakkelijker. Een fluitje van een cent. En nee, natuurlijk spreek ik niet uit eigen ervaring, het zou wel van erg veel lef getuigen om dat hier publiekelijk te gaan delen, toch? Ik ben altijd trouw aan mijn eigen partner geweest, maar heb inmiddels wel verschillende partners gehad. Dat wordt gelukkig niet onder vreemdgaan verstaan, maar meer onder de noemer 'variatie.' 

Vreemdgaan met wederzijds goedvinden is natuurlijk nog altijd een eitje, hoewel er blijkbaar toch ook veel relaties uiteindelijk op stuklopen. Maar vreemdgaan
terwijl je de relatie verborgen moet houden voor je partner, lijkt me heel erg ingewikkeld geworden!  In de tijd dat we geld vooral nog af moesten halen bij de bank en waarin we alles nog contant afrekenden, viel het niet (direct) op dat je vaker naar de drogist ging. Hup, even een lekker geurend cadeautje en alwéér condooms. Want zwanger maken of raken tijdens vreemdgaan is meestal op de wat langere termijn niet handig als je de relatie verborgen wilt houden.  Maar heb je, anno nu, net als ik alleen een gemeenschappelijke bankrekening, dan krijgt je partner tegenwoordig al een melding op zijn of haar smartphone als er een bedrag is afgeschreven. 

Als je partner je vroeger ernstig verdacht van 'een ander in het spel,' dan moest er een detective ingehuurd worden om hem of haar te betrappen en wat gevoelige scenes op de gevoelige plaat vast te leggen.  Tegenwoordig kun je op elke hoek onopvallend en zelfs onbedoeld gefotografeerd worden en voor je het weet staat een foto met jullie hoofden of andere onderdelen erop (kan ook weer onbedoeld), op allerlei sociale media. Die dan vervolgens ook nog in no-time gedeeld is.   
Wanneer je samen één auto deelt met wat digitale snufjes, dan wijst de auto-app je precies aan wááŕ de auto zich bevindt. Altijd. Ook 's nachts als je denkt dat niemand je het echtelijk huis uit heeft zien sluipen. Onzichtbaar het huis uit- en later ook weer insluipen is trouwens ook al lastig is omdat de Ring-deurbel waar je zelf zo enthousiast over was toen jullie hem aanschaften, nauwkeurig laat zien wie er wanneer voor de voordeur staat. Dus de ander overdag thuis ontvangen, is ook al geen optie meer, tenzij de je de Ring-camera weet te ontwijken (ducttape werkt natuurlijk altijd, maar als het beeld op zwart schiet, kan dat ook weer argwaan opwekken). 
Ik denk dus dat een buitenechtelijke relatie in onze tijd heel wat meer creativiteit en doorzettingsvermogen vraagt dan vroeger. Wie net als ik dan ook nog in het bezit is van een ongeneeslijke kanker, zal los van de problemen die de ziekte met zich meebrengt, ook nog met beleid moeten bepalen of en wanneer dat onderwerp op de tafel gelegd wordt. Het lijkt me niet gemakkelijk om te besluiten wanneer je 'het' aan de ander gaat vertellen. In de prille fase van heftige verliefdheid? Wanneer je beiden alles nog door een roze bril ziet? Zodat de ander heel lief reageert met: 'Maakt niet uit liefje, we mankeren allemaal wel eens wat.' Waarop jij dan kunt denken: vreemde reactie, maar ja, het heet niet voor niets vreemdgaan wat ik nu doe. 

1 oktober 2025

Rat en muis (gepubliceerd op de columnnist.net)

Er loopt een rat in onze tuin! Door het eetkamerraam zie ik hem met zijn dikke staart zó de border insluipen. Even later struint hij gezellig tussen de struiken. Smakelijk eten, Ilse. Af en toe kijkt-ie me even aan met zijn glinsterende oogjes. Zo van: 'Zie mij maar eens te vangen!' Laat dat nou precies zijn wat ik van plan ben! 

Ik weet dat het niet heel diervriendelijk is om een dodelijke val te zetten, maar ik weet ook hoe snel ratten zich vermeerderen als je hier geen stokje voor steekt! Ze schijnen 15 keer per jaar van 7-10 jongen te kunnen bevallen! En die jongen kunnen na 12 weken ook alweer jongen! Als je het zo bekijkt, doe ik de wereld een groot plezier door meteen bij het eerste signaal van een rattenuitbraak in te grijpen. En met een val gaat de rat in ieder geval in één klap dood. Ik zou nooit een lijmplank of vergif gebruiken, dat vind ik echt geen humane dood. Dus een beetje diervriendelijk ben ik toch wel. 
 
Op Google zoek ik voor de zekerheid even op of ik inderdaad met een rat te maken heb, of met een obese muis. Bij 'rat' zie ik: dikker lijf. Check, klopt. Grotere kop in verhouding tot het lijf. Check, klopt. Kleine, harige oortjes. Daar ben ik niet zeker van, dan had-ie wat langer stil moeten blijven zitten. Maar denk van wel. En die moet weg! 
 
Voor wat betreft knaagdieren elimineren, hebben mijn man en ik een glasheldere taakverdeling. IK tref de voorbereidingen, HIJ voert de executie uit en gooit het stoffelijk overschot in de vuilnisbak. Bij het restafval uiteraard.  
 
Ik haast me naar de Gamma voor wegwerphandschoenen en een rattenval, die wonderbaarlijk genoeg niet veel afwijkt van een muizenval. Hij is alleen wat groter en dus ook duurder.  
 
Thuisgekomen zoek ik uit wat ratten graag eten, want zo'n laatste maal moet wel smakelijk zijn. Het wordt Calvé pindakaas, mét stukjes noot. Niet omdat ik heb gelezen dat ratten die het liefst hebben, wel omdat we die nou eenmaal in huis hebben.  
 
Omdat ik a-technisch ben én gehecht aan mijn vingers, zijn de volgende taken voor mijn man. Hij prepareert de val en zet hem op een strategische plek neer. Al de volgende morgen ligt de val ondersteboven. Ik zie er iets vlezigs onder liggen. Voor geen geld haal ik het slachtoffer er zelf uit! 'Denk je dat IK dat leuk vindt om te doen?' vraagt mijn man. 'Nee, maar aangezien ik het echt niet durf en we hier nog maar met ons tweeën wonen...,' is mijn zwakke reactie.  Ik reik hem met een lieve, enigszins schuldbewuste glimlach een paar wegwerkhandschoenen aan. Een paar minuten later komt hij binnen met de lege rattenklem. Ik maak hem schoon (dát vind ik gelukkig niet eng), want natuurlijk moet de hele procedure nog een keer herhaald worden om te voorkomen dat er binnenkort weer een verdwaald exemplaar mijn eetlust bederft.  
 
Ik vraag of het een grote rat was. 'Ils, het was een muis. En niet eens zo'n grote.'  
Aan Google heb je ook niets meer tegenwoordig. 

20 september 2025

Leren laten (gepubliceerd op de columnist.net)

In mijn eerste columnbundel beschreef ik trots hoe ik 's avonds met mails en brieven zaken oploste die ik overdag verprutst had. Nu ik 'een nog rijpere' leeftijd heb weet ik dat 's avonds dingen oplossen absoluut geen goed idee is (want dat leidt meestal enkel tot een slapeloze nacht bij de ander maar vooral ook bij jezelf!). Eén van de fijnste dingen van ouder worden, is dat je verstandiger wordt. Het lukt mij als zestigplusser steeds beter om de rust te bewaren bij het ontvangen van een boze brief, mail of app. Ik ga niet langer met een bloeddruk van 190-130 een reactie op het toetsenbord rammen. 

Ik weet inmiddels ook dat een brief, mail of appje helemaal geen goed middel is om dingen mee uit te praten! Het heet niet voor niets uitpraten. Ik denk inmiddels dat een goedmaakbericht van mij eerder als een rode lap op een stier werkte dan als nuttig instrument om de relatie weer goed te krijgen. Komt er nu een mail van Ilse binnen? Die trut, hoe durft ze me (op dit tijdstip) nog een mail te sturen nadat...' 
 
Schriftelijke reacties doen het eigenlijk trouwens vrijwel nooit goed in een relatie waarbij de ander al boos, verdrietig of teleurgesteld is. Of alle drie, want dat kan natuurlijk ook. Ik ken veel mensen bij wie je aan de gezichtsuitdrukking kunt zien dat ze permanent boos, verdrietig én boos zijn, maar dat terzijde.  
Als een brief, mail of app als reactie op kritiek zou werken, dan zou bijvoorbeeld de ME ook wel briefjes uitdelen met: wij hebben sympathie voor deze demonstratie, toch willen we u verzoeken naar huis te gaan omdat het voor mij als agent best beangstigend is, zo'n grote massa boze mensen. 
 
Ik heb in mijn leven minstens tien goedmaakbrieven of –mails geschreven. Vaak begon ik met iets aardigs. Omdat ik graag weer de fijne relatie met je wil die we altijd hadden... Kansloos, als de ander hoog in de emotie zit.  
Het is eigenlijk heel logisch dat een schriftelijke reactie niet werkt. In feite is het één lange monoloog. Als je samen iets uit moet werken, zijn monologen totaal niet handig! Ik ken bijvoorbeeld geen enkele relatietherapeut die de ene week de vrouw van het stel laat praten en de week erna pas de partner. Hoewel dit misschien wel de juiste aanpak kan zijn bij stellen die elkaar verwijten dat er nooit naar hen geluisterd wordt. 
 
Ben je inmiddels hartstikke benieuwd hoe ik, ouder en wijzer dan ooit, omga met de boze berichten die ik zelf ontvang? Ik laat er om te beginnen vaak gewoon tijd overheen gaan. In veel gevallen lossen de problemen zich dan vanzelf op. Ik heb leren laten. Werkt dit niet? Dan zoek ik de ander op en praten we.  
Dit antwoord zal jou misschien teleurstellen. Stuur me gerust even een berichtje! Ik kan je echter niet garanderen dat ik erop ga reageren en je weet nu waarom 

17 april 2025

Geef mij maar pijn! (gepubliceerd op metronieuws.nl)

Iemand heeft me vast schurft toegewenst. Ik heb overal jeuk. Bij jeuk moet je niet krabben. Niet krabben bij jeuk is echter een soort roze olifantje. Bovendien helpt krabben wél, want als je lang genoeg krabt, gaat de huid open en pijn doen.

En pijn is minder erg dan jeuk, dat weet iedereen.  Een paar dagen later ziet mijn huid er enorm veroorlogd uit. Ik bedenk wat de oorzaak kan zijn. Ik heb deze keer géén bramentakken uit de heg gehaald. Iets verkeerds gegeten? Geen idee! 

Overdag lukt het me redelijk om niet te krabben. 's Nachts is het een ander verhaal. Ik heb het gevoel dat mijn beddengoed vol ongedierte zit. Ik heb jeuk op plaatsen waarvan ik niet eens wist dat ik ze had. Ik kan er soms maar nét bij om te krabben. En ik kan er dan niet bij om een pleister te plakken, ook zo irritant. 
Ik zoek dokter Google op mijn mobieltje en lees allerlei mogelijke oorzaken. Schurftmijten. Haha, dus ongedierte zou inderdaad kunnen. Een schimmelinfectie. Te warme kleding. Ander wasmiddel. Diabetes. Eikenprocessierups. Stress. Tips zijn er ook. Niet krabben is natuurlijk de belangrijkste. Er schijnen zelfs speciale handschoenen bij de apotheek te koop die je moet dragen in bed. Daarmee kun je onmogelijk krabben. Nou, ik weet zeker dat ik die héél gauw uitdoe als ik van de jeuk wakker word! Verder moet je niet te heet douchen. Denk je dat je klachten door stress zijn ontstaan? Dan moet je zorgen dat je goed slaapt. Soms zijn ze zó grappig, die adviezen. Wie slaapt er nou goed bij stress?? 
Na een week zelfkastijding ga ik toch maar even naar de huisarts. 'Wat kan ik voor je betekenen? O, ik zie het al, wat heb jij veel uitslag! Je zult wel flink jeuk hebben.' Daarna vraagt ze alles wat ze volgens het protocol bij jeuk (had ik al gelezen op internet, dat er zo'n protocol is) moet vragen. Dan inspecteert ze mijn huid. Het is inmiddels een interessant landschap met rode plekjes, bultjes, krassen, korstjes en littekens. 
'Hoelang geleden is er bloed geprikt bij je.' Ik denk even na. 'Een maand of vijf.'  
'Dan stuur ik je toch even door naar het ziekenhuis voor wat bloedonderzoek. Die kleine paarse puntjes zijn puntbloedinkjes. Dat kan op een verminderde nierfunctie wijzen. Bel maandag maar even voor de uitslag.' 
Tien minuten later zit ik weer op mijn fiets, richting bloedlaboratorium. Mijn gedachten gaan terug naar vijf jaar geleden. Even naar het ziekenhuis en met een heel foute diagnose naar huis.  
Ik krijg heel erg veel stress van mijn bezoek aan mijn dokter, iets waarbij ik bij dokter Google totaal geen last van had. 
Ik krab nerveus aan mijn enkel die ineens enorm veel aandacht opeist. Luid toeterend stopt er, nét op tijd, een auto voor mijn neus. De mannelijke bestuurder heeft een vuurrode kop. Ik zou hem kunnen vragen of hij ergens last van heeft, maar ik weet het antwoord al.  
Hij heeft last van mij, net als ik.